Tactisch gezien heeft Nederland 2-2 gelijkgespeeld tegen Griekenland, na een 2-0 achterstand in de rust. Verdiend, zegt de NOS. Ik las dat met mijn kop koffie en ik herkende een kleedkamer.
In de rust deed Xavi Hernández drie wissels tegelijk: Ryan Gravenberch, Noa Lang en Tijjani Reijnders kwamen er meteen na de pauze in. Drie. Bij mij gaan er twee van mijn wissels op aan de kinderen ophalen, maar het idee is er.
En vooral: hij zei sorry. „De eerste helft waren we zo, zo slecht. En ik denk dat dat mijn fout is als trainer”, zei hij tegen de NOS. Hij zegt dat hij in de kleedkamer precies hetzelfde tegen de spelers heeft gezegd: sorry, het is mijn fout, vergeet de eerste helft, in de tweede gaan we alles herstructureren.
Dat doe ik ook. Of ja, ik heb het één keer geprobeerd, in de prefab, met mijn gsm die trilde. Ik zei „het is mijn fout”. De afgevaardigde schreef het op in zijn farde. Sindsdien haalt hij het op elke vergadering van het bestuur weer boven.
Dan is er de ruit. Xavi legt uit dat de ploeg in de tweede helft met een ruit op het middenveld speelde, dat dat meer kansen opleverde, dat het veld opener kwam te liggen en dat er meer snelheid met de bal was. Respect. Het 4-4-2 blijft het enige eerlijke systeem, maar een ruit is een 4-4-2 met een das om. Op een vlak veld na, hè.
En Reijnders maakt gelijk, kort voor tijd. Een invaller van de rust die scoort, dat is de droom van elke trainer. Bij ons is wie na de rust invalt meestal degene die te laat kwam.
Van 2-0 achter terugkomen tot 2-2, dat is historisch. Ik weeg mijn woorden. Ja, tegen Griekenland. Niet slecht.
Xavi zegt dat Nederland zondag weer thuis speelt en dat die match gewonnen moet worden. Ik heb zondag ook een match, om drie uur. Ik bereid mijn excuses al voor, voor het geval dat.
Het klopt, we hebben het nagekeken: NOS.







