Domme vraag, maar bij welke stand is een trainer tevreden? Ik heb er de hele avond naar gezocht in mijn notitieboekje, tabblad „mister”, en ik heb niets gevonden.
Eerst de feiten. Zaterdagavond won Club Brugge met 1-4 van La Louvière, in de Easi Arena. Vorig jaar had La Louvière twee keer van Brugge gewonnen. Vetlesen scoorde uit een dood spelmoment, Virgili in de 34e minuut, Tresoldi met een penalty vlak voor de rust. Nolan Gillot maakte er 1-3 van met een schot dat de RTBF subliem noemt, waarna Brugge er meteen weer eentje bij deed. Een revanche dus. Ik heb „revanche” genoteerd, met een smiley.
Daarna las ik wat Ivan Leko aan Sporza zei. De eerste 50 à 55 minuten vond hij „echt heel goed”. Daarna werd zijn ploeg „een klein beetje nonchalant of een klein beetje arrogant”. Bij 0-3 wil hij dat ze 0-5 of 0-6 nastreven. En ook: „Wanneer je op een hoogtepunt zit, wanneer je op topniveau presteert en alles goed gaat, dan moet je juist nederig en dankbaar zijn, hard werken en niet denken dat je Messi bent.”
Ik heb dus een nieuw tabblad geopend: „Messi, denken dat je”. Ik weet nog niet vanaf wanneer je dat denkt. Bij het derde doelpunt? Tijdens het vieren? In het basket zet je bij een voorsprong van dertig de invallers erin en iedereen vindt dat normaal, ik heb gekeken.
Nog een raadsel: na de 1-3 gaf de scheidsrechter La Louvière een penalty voor een contact tussen Spileers en Isah, en trok hij hem na het raadplegen van de VAR weer in. Er was dus even een penalty. Waar is die naartoe? Ik graaf verder.
In 1980 wonnen we met 4-1 en gingen we naar huis. Niemand vroeg om de zesde.
Mijn voorlopige berekening: bij 0-3 moet je 0-6 willen. Bij 0-6 moet je volgens mij 0-12 willen. Ik heb de vraag aan de redactie gesteld, drie mensen, drie antwoorden. Volgende halte: Inter. Kortom, ik heb nog veel te leren.
Het klopt, we hebben het nagekeken: RTBF Sport.







