Het eerste telefoontje van een bondscoach naar een centrale verdediger, Nathan Ngoy vertelde het zelf aan Het Laatste Nieuws: “Ons eerste contact verliep heel goed. Hij woonde mijn wedstrijd tegen PSG bij en voor deze interlandperiode hebben we ook gebeld. Over wat we dan praatten? Het was vooral een persoonlijke kennismaking. Hij stelde zichzelf voor en legde uit hoe hij wil spelen.”
Ngoy houdt er een goed gevoel aan over. “Een menselijke trainer”, zei hij. “Hij begrijpt de spelers, omdat hij zelf op topniveau heeft gespeeld. Dat merk je in zijn manier van uitleggen. Dat is toch een verschil met een trainer die niet zo’n spelerscarrière heeft gehad.” Over de speler zelf was hij eerlijk: te jong om hem als speler gekend te hebben. “Of ik Van Bommel als speler ken? Euhm, daar ben ik te jong voor. Hij was een middenvelder, toch?”
Onze mister las het interview op maandag, tussen de rangschikking van derde provinciale en zijn kop koffie door. Hij herkende er een methode in.
Dus, tactisch gezien, dat is precies wat ik ook doe. Het telefoontje vooraf, de voorstelling, het speelplan. Alleen, als ik op donderdag een centrale verdediger bel, is dat om te weten of hij zondag kan spelen, en dan antwoordt hij dat hij een doopfeest heeft. Van Bommel legt uit hoe hij wil spelen. Ik ook: in 4-4-2, het enige eerlijke systeem. En voor die jongen begrijp ik het wel. Mijn spelers weten ook niet waar ik speelde. Ze denken dat ik afgevaardigde was. Het niveau in derde provinciale is enorm gestegen, de mensen beseffen dat niet.
Van Bommel heeft Ngoy zien spelen tegen PSG. Freddy ziet zijn verdedigers op zondag om drie uur, op terrein 2, als het niet te hard dracht. Op een wedstrijd na is het hetzelfde scoutingswerk.
Ngoy besluit dat een trainer met een spelerscarrière toch “een verschil” maakt. Hij verduidelijkte niet welk verschil dat is voor de trainers in derde provinciale.
Het klopt, we hebben het nagekeken: VoetbalPrimeur.be.







