De Nederlandse vrouwen hebben dinsdag in Tilburg met 3-0 van Hongarije gewonnen. Drie goals in de eerste helft. Ik las het verslag van NOS in de trein van 7u32, met mijn notitieboekje open op mijn knieën, en ik begon een nieuw tabblad: „winnen, maar minder”.
Domme vraag, maar hoe kan een ploeg die met 3-0 wint eruitzien alsof ze zich verontschuldigt? Ik heb het uitgezocht. Vorige vrijdag won Nederland met 8-0 in Hongarije. Volgens NOS was de opdracht toen al volbracht. Dus dinsdag speelden ze tegen hun eigen vrijdag.
De bondscoach, Arjan Veurink, had „een beetje meer” verwacht. Hij zei tegen NOS: „De lat lag ook wel erg hoog na afgelopen vrijdag.” Ik heb het woord lat genoteerd. Wie heeft die gelegd? Zij. Wanneer? Vrijdag. Ze zijn er te hard overheen gesprongen, en nu zien ze hem niet meer.
Esmee Brugts scoorde, en zei: „Lastiger dan vrijdag.” Ze vindt dat de ploeg meer had kunnen domineren. Jill Roord, ingevallen, scoorde niet. Ze legde uit dat het altijd lastig is tegen zo’n laag blok, en dat het sprankelende van vrijdag moeilijk terug te vinden was. Sprankelend. Men praat over een wedstrijd als over een drankje dat al vier dagen openstaat.
Er is toch iemand tevreden. Isa Kardinaal, 21 jaar, centrale verdedigster bij London City Lionesses, maakte haar debuut. Vijf minuten voor de match kreeg ze te horen dat ze zou spelen. Vijf minuten. Mij verwittigen ze twee dagen op voorhand voor een vergadering. Ze vatte haar avond samen in één woord: „Trots!” Het is de enige uitspraak op de pagina zonder vergelijking.
In mijn tijd wonnen we met 3-0 en gingen we eten. Ik bekritiseer niet. Ik vergelijk.
Veurink wil de precisiefouten aanpakken voor de volgende interlandperiode. In december treffen Nederland en Slovenië elkaar in de beslissende barrages voor het WK. Kortom, ik heb nog veel te leren.
Het klopt, we hebben het nagekeken: NOS.







