Tactisch gezien begin ik in Atlanta. Engeland staat 1-0 voor tegen Argentinië in de halve finale van het WK. Thomas Tuchel schakelt over op vijf verdedigers om de voorsprong te bewaren. Twee assists van Lionel Messi, twee Argentijnse goals, en Engeland eindigt derde.
Vijf achteraan. Ik doe dat nooit. 4-4-2 is het enige eerlijke systeem, en op mijn veld 2, met die helling, loopt een vijfde verdediger na twintig minuten toch in de zestien van de tegenstander. De zwaartekracht doet het pressen voor mij. Op een vlak veld na, hè.
Wat me aansprak, is wat daarna kwam. Tuchel zegt dat hij de voorbije dagen meerdere vergaderingen met zijn kleedkamer heeft gehouden. Hij vindt dat de ploeg meer moed nodig heeft om beter te spelen. „Om beter te voetballen hebben we wat meer moed nodig”, zei hij, volgens HLN. En volgens hem moet een groep die een groot toernooi wil winnen kunnen steunen op controle en balbezit, en dat ontbrak aan het einde van de match tegen Argentinië.
Meerdere vergaderingen. Ik hou er één, op zondag om half drie, in de prefab, met mijn farde open en de GSM die trilt omdat er nog iemand op de parking staat. Ze duurt zolang de afgevaardigde nodig heeft om de kaarten terug te vinden. Moed, dat zet ik dinsdag op training. Als ze met elf zijn, toch.
Op het veld is de Nations League al begonnen. In Wembley tegen Spanje staat Engeland 2-1 voor, Harry Kane mist een strafschop, de ploeg wordt het laatste halfuur overspeeld en verliest met 2-3. Zaterdag volgde 7-0 tegen Kroatië, met een goal en drie assists van Jude Bellingham. Na het WK had Tuchel ook Cole Palmer en Trent Alexander-Arnold teruggeroepen.
Domme vraag, maar komt de moed tussen twee vergaderingen door of tijdens?
Ik zou zeggen tijdens het frietje na de match. Dan beloven mijn spelers dat ze volgende week hoog zullen pressen.
Het klopt, we hebben het nagekeken: HLN.






