Tactisch gezien moet je het dossier bekijken als een match. Raul Florucz, aanvaller van Union, kreeg rood in de 39e minuut van een oefenmatch tegen Lokeren, tijdens de competitiepauze. Een oefenmatch. Het federaal parket vroeg twee speeldagen. Het Disciplinair Comité maakte er één van. Union ging in beroep en de Disciplinaire Raad sprak hem vrij. Zondag speelt hij tegen Leuven.
Drie instanties voor een oefenmatch. Mijn oefenmatchen in augustus speel ik op veld 2, het hellende, en het enige tuchtorgaan is de afgevaardigde met zijn map. Is die map vergeten, dan is er geen match geweest.
Wat mij interesseert, is de zitting. Scheidsrechter Mathias Matthijs verklaarde dat hij het incident maar vanuit zijn ooghoek had gezien en niet zeker was van de precieze plek van het contact. Florucz legde uit dat hij zich probeerde los te maken van Sam Van Aerschot, die hem vasthield. En de videobeelden bewezen niet dat hij opzettelijk had geslagen. Videobeelden, voor een oefenmatch. Bij ons is de video de moeder van de keeper die filmt vanuit de kantine, en ze stopt als ze een frietje gaat halen.
Je losmaken van een speler die je vasthoudt, dat zet ik dinsdag op training. Als ze met elf zijn, toch. Het blok schuift door, de aanvaller zet een stap terug, de handen blijven thuis. Dat is collectief werk.
Ik onthoud vooral de procedure in drie stappen: een eis, een vermindering, een vrijspraak. Dat is een eindronde, niet meer en niet minder. Het niveau van de instanties is enorm gestegen, de mensen beseffen dat niet.
Drie rechtbanken voor een wedstrijd zonder inzet. Ik bekritiseer niet. Ik vergelijk.
Voor Sam Van Aerschot, die die dag ook rood kreeg, is nog niets beslist: hij kreeg drie speeldagen in eerste aanleg.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Walfoot.





