Zaterdag won Real Madrid met 1-0 van Villarreal. José Mourinho kwam niet naar de pers. Woensdag won hij met 4-3 in Rome. Daar kwam hij wel.
Tussen die twee wedstrijden schorste de Spaanse voetbalbond Vinícius Júnior voor vier wedstrijden. Zaterdag viel hij na de pauze in en scoorde hij. De VAR keurde het doelpunt af: hij had Nathan Saliba aan de haren getrokken, een jongen die door Anderlecht is gegaan. Scheidsrechter Isidro Díaz de Mera stuurde hem meteen van het veld.
De VAR dus. Ze keek naar een doelpunt en vond iets anders. In 1980 was een doelpunt een doelpunt, en wat eraan voorafging, hoorde bij het verleden. Dat noemden we voetbal. Ik bekritiseer niet. Ik vergelijk.
De straf bestaat uit twee delen. Twee wedstrijden voor gewelddadig gedrag zonder bal, met een boete. Twee wedstrijden voor protest tegen de scheidsrechter, de assistent of de vierde official. In mijn tijd had je een scheidsrechter en twee grensrechters. We protesteerden tegen minder volk.
Hij mist Sevilla, FC Barcelona, Racing Santander en Valencia. En de Clásico van 25 oktober, in Camp Nou. Real kondigde meteen aan in beroep te gaan. De speler zelf bood zijn excuses aan bij zijn ploegmaats en de supporters.
Mourinho zei dat Vinícius twee uur voor de aftrap in Rome te horen had gekregen dat hij geschorst was. „Konden ze dat niet morgenochtend doen?” vroeg hij. Hij zei dat hij er alles aan zou doen om de mensen de ogen te laten openen.
Domme vraag, maar als hij zaterdag niet praat en woensdag wel, heeft die persconferentie van zaterdag dan plaatsgevonden of niet?
Ik las dit allemaal in de frituur, volgende maandag lees ik het nog eens. Een trainer die zaterdag zwijgt en woensdag praat. Een straf die twee uur voor een match valt. Iedereen heeft een probleem met de planning.
Enfin. Het is de tijd.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Sporza.







