Standard verloor met 0-1 van Charleroi. In de zestien stapte iemand op de voet van Salieu Drammeh. Geen strafschop. De VAR vroeg niets.
Radja Nainggolan vatte zijn verbazing samen: “Zelfs Botticelli ziet dit hé.” Botticelli. Een schilder uit Florence. Hij is al meer dan vijf eeuwen dood. Ik merk op dat men hem nu aanhaalt om een voet van een noppenschoen te onderscheiden. In 1980 haalde men de scheidsrechter aan. Ik bekritiseer niet. Ik stel vast dat het referentieniveau gestegen is.
Jonathan Lardot, de baas van de Belgische scheidsrechters, oordeelde achteraf dat Standard die strafschop had moeten krijgen. Het contact was duidelijk genoeg om in te grijpen, vond hij. Er zaten dus drie mensen voor een scherm tijdens de match, en het juiste antwoord kwam achteraf. Een papieren weekblad doet hetzelfde. Het is goedkoper.
Stijn Stijnen wil meer oud-voetballers in de VAR. Olivier Deschacht ziet daar een probleem in, vanwege hun verleden bij Anderlecht of Club Brugge. Ik vat samen. We hebben een machine uitgevonden om niet meer van één man af te hangen. En nu zoeken we welke mannen we in de machine zetten. Noteer dat ik niet tegen vooruitgang ben. Ik ben tegen deze vooruitgang.
Deschacht eist ook de schorsing van de drie scheidsrechters die erbij betrokken waren. Drie schorsingen voor één voet. In het Heizelstadion hadden we één scheidsrechter, twee grensrechters, en als het mis was, was het mis voor iedereen tegelijk. We gingen naar huis. In de frituur praatten we erover. Niemand vroeg het oordeel van een schilder.
„Botticelli zet ik op de rechterflank. Als ze met elf zijn, toch.”
Maandag herlees ik dat allemaal in mijn krant. De stand zal nog altijd 0-1 zijn. Enfin. Het is de tijd.
Het klopt, we hebben het nagekeken: Voetbalkrant.





